zondag 16 februari 2014

Afluisterschandaal


Met een aardappel in je mond praten: het was niet best als ik dat thuis deed. Ik heb het er grondig afgeleerd.
Hoe dat moet was deze week te zien tijdens een oppositiefeestje in de Tweede Kamer. Minister Plasterk moest opdraven om uit te leggen hoe het nu ècht zat met die afluisteraffaire. De hele avond heb ik zitten luisteren, en een deel van de nacht ook, en nu pas begin ik te begrijpen waarom deze man heet zoals die heet. Hij zal wel niet alleen een sterke plas hebben, maar kan ook sterke verhalen vertellen met droge ogen. En dit keer hield ie met z’n verhalen z’n voeten ook droog.
Een politieke carrière? Voor mij niet weggelegd, kan niet met een aardappel in de mond praten…
Ik weet niet hoe het jullie verging, maar: heb je nou niet dat je bezorgd bent geworden? Want laten we eerlijk wezen; deze man was vroeger minister van onderwijs. Tijdens het debat heb ik de hele tijd zitten kijken naar wie er nog meer aanwezig waren. Minister Hennis natuurlijk, die er de hele avond bij zat te kijken of Plasterk haar de hete aardappel niet op het bord zou leggen (en daarom zag je af en toe haar adamsappel sterk op en neer vliegen, alsof ze zich verslikte in een… eh, aardappel).
Geen Rutte in de zaal. Die zal wel gedacht hebben: laat ie maar stikken in z’n eigen aardappel. Maar wat mij nog meer verontrustte: geen minister Bussenmaker!

Ik kan je garanderen dat ik me daarover niet voor niets ongerust maak. Nog maar twee weken geleden heb
ik contact gehad met iemand van de PO-raad, over de actiegroep die de CITO-toets wenst af te schaffen… Onverbeterlijk, die PO-raad-man. Een week later een groot artikel van meneer staatssecretaris Dekker, die ons (in onderwijsland) oproept te stoppen met kritiek en gemopper op de CITO-toets. Beiden heb ik verweten niet te kijken naar de werkelijkheid van het toetsen: oefenen vooraf, voorlezen, voorzeggen van antwoorden, uitsluiten van deelnemers… Alles gebeurt, en dat zonder enige vorm van controle…

Geen Bussenmaker in de Kamer… Pas dit weekend ging mij dit serieus verontrusten. Waar was zij? Waar was Sander Dekker?  Wat zouden zij uitspoken? Plots besefte ik me dat ik had moeten zwijgen (net zoals die Hennis). Plots begreep ik waarom Plasterk niets kon zeggen. Plots besefte ik wat er aan de hand was. Niks geen afluisterende Amerikanen, niks geen afluisteren van buitenlandse telefoongesprekken en buitenlands mailverkeer… Nee, de werkelijkheid was erger!
Ik beloof jullie het schokkende nieuws dat wij over een maand of twee zullen horen! Het zal niet lang meer duren of Plasterk staat opnieuw, vanwege een afluisterschandaal, in de Tweede Kamer. Het zal niet Hennis zijn die dan naast hem zit, maar Bussenmaker!
En de kern van het nieuws zal zijn:
´Data afname CITO-eindtoets uitgewisseld met Onderwijsinspectie; 1200 groep-8-docenten afgeluisterd bij afname CITO-toets! Docenten flessen betrouwbaarheid toetsing!´
Daarom waren Bussenmaker en Dekker er niet!


Ondertussen is thuis deze week dubbel leed geschied. Allereerst is de hamster dood, leve de hamster. Daarmee heeft een jarenlang trouw gevolgd observatieonderwerp het tijdelijke met het eeuwige verwisseld. Wat het leed nog verergerde: terwijl de krant bol stond van weer iemand die pas na vijf jaar dood in huis was gevonden, lag ook onze hamster al twee dagen dood in zijn kooi (weliswaar onder het hooi, maar toch). En we hadden nog zo stellig beweerd dat het ons nooit zou overkomen…
Met gepaste stilte is het diertje ter aarde besteld, in de tuin.

Of dit iets te maken heeft met het volgende, ik weet het niet. Ook Wifi heeft de
afgelopen week de CITO-eindtoets afgelegd. Ik heb de toetsen zelf maar nagekeken (ik bedoel: dat gaat toch aanmerkelijk sneller, niet waar?). Wel, de eindscore is allerbelabberst: nog geen 10 punten.

En ik heb nog wel zo voorgeleen en voorgezegd….

zondag 9 februari 2014

Kat plat

Het is zondag. Vandaag is ieder verplicht zich op sokken door ons huis te bewegen. Dat is een vast nummer, in de week voor de CITO-eindtoets. Immers: als je maandag weer naar school gaat krijg je een preek over je heen: dat het de CITO-eindtoetsweek is, dat het belangrijk is dat de leerlingen van groep 8 stilte ervaren, dat het niet aangaat anderen te storen, enz. enz. In huize Sybesma wordt dat traditiegetrouw al op de zondag er voor er in gehamerd. Immers: maandag hebben vader en moeder daar, in verband met hun zeer drukke werkzaamheden, geen tijd voor…. Bovendien: twee preken op één dag zetten geen zoden aan de dijk! 
Natuurlijk hebben wij in huize Sybesma dit jaar geen stresskinderen die moeten deelnemen, maar tradities zijn heilig hier… Wij (man/vrouw) zeiden vandaag nog tegen elkaar: eigenlijk is het toch raar dat je deze zondag zo laat verlopen, terwijl je diep in je hart het liefst dat hele CITO zou opblazen.

Nu komt het mij persoonlijk ook wel goed uit. Ik kan mateloos uitkijken naar de CITO-eindtoets. Na mijn verhaal van vorige week had je dit natuurlijk absoluut niet verwacht! Toch is het waar. Immers de zondag er vooraan verloopt thuis in een dermate stilte, dat het zo ongeveer de enige zondag is die zich leent voor een dutje door de heer des huizes. Dat is ook wel nodig, na het lezen van vier kranten en twee vakbladen op zaterdag, en zondag-na-kerktijd.  Alleen in het voor-CITO-weekend, hoor; andere weekenden blijft het bij één krant.

Ik schrijf dit stukje net na mijn middagdutje. Alles is verder nog in diepe rust. Vooral de kat. De kat ligt
Misschien is het ook wel de brief geweest, die we samen hebben geschreven… Wist je dat nog niet?
Oh ja, een groot deel van de zaterdagavond heeft het gekost… Hoe het zo kwam?
vanaf hedenochtend volledig plat, zo op het oog lijdend aan toets-shock. Ik denk dat er de afgelopen week toch te fors is ingezet op een gouden medaille voor de Siamezen-toets. Elke avond geoefend: meerkeuze-vragen-intelligentie, het boekje “Hoe overleef je de CITO-toets?”, reken- en wiskundeopgaven, vragen van het type “Wat staat er niet?” en ga maar door. Ik had niet verwacht dat dit zo uitputtend zou werken op de anders zo actieve kat. Misschien leg ik de lat te hoog, ben ik te veeleisend, is de kat te perfectionistisch, heeft het dier last van onderpresteren?

Op de voorpagina van de zaterdag-Trouw stond een groot artikel met uitspraken van Sander Dekker, de veelgeplaagde staatsecretaris van onderwijs, die het klagen over de CITO-toets beu was. Hij stelt daarin dat we moeten ophouden te klagen over een verplichte eindtoets. Het is immers zo goed bedoeld: samen
(Dat er hier en daar een schrijffout in kan zitten: neem het poeslief niet kwalijk; en omdat het een Open Brief betreft mag ik hier citeren):
uitzoeken wat elke leerling weet, samen een goede start mogelijk maken in het VO, etc.; hij is ook niet voor die vergelijkingslijstjes, etc. etc. Kortom: het bekende nummer op plaats 9587 in de top 10.000.
Bij lezing zat de kat, na een week volop oefenen, op mijn schouder mee te kijken. Bij het zien van de foto van mijnheer Dekker begon het beest spontaan op te rispen, en, nadat ik het artikel luidop had voorgelezen besloot het dier tot een spontane actie: een open brief aan staatsecretaris Sander Dekker, met een afschrift naar de vaste Kamercommissie voor Onderwijs.

Open brief aan monseigneur Kater van Onderweis
ofer de SITOtoets

Geagte heer Kater,
In Trouw heb ik kennis genoomen van uw interveuw ofer de SITOtoets. Ik fin dat uwe Excellente School behoorlijk uit de nek praat. De SITOtoets is egt nie zo goed as u segt. Ik heb er nou 2 weeken op guoefunt en ik snap et noch steets nie. Vreidag heb ik met me juf afgeprooke dat zu mu du toets heelemal gaat voorlese zodat ik het goet ga snappu. Dat is niet so iirluk, maar anders kan ik nie naar de haaffoo.
Sgaf um maar so gouw moguluk af.

Wifi Siamees Sybesma

Ik kan je vertellen: ik ben nog nooit zo trots op een Siamees geweest als op deze. Natuurlijk, er zitten wel
wat schrijffouten in, maar vertel es: wie van jullie heeft al eens zo’n Open Brief geschreven, hè, piepmiepen m/v?

Zelf ben ik ook bezig met een Open Brief, aan alle kranten. Immers: als minister Plasterk van de Zeven Provinciën deze week in de Kamer op het matje moet komen omdat hij van voren niet weet dat ie van achteren wordt afgeluisterd, dan vind ik dat het hele kabinet de dag erna in de Kamer moet komen om en public de CITO-toets te maken; dan rekenen wij er wel mee af.
Nee, jullie niet. De kat en ik!

zondag 2 februari 2014

Kat aan de lat

Nog maar enkele weken geleden is de werkgroep “Stop de CITO-toets’ opgericht. De naam van de actiegroep spreekt voor zich; het actie-item is o.a. de eindtoets. Mooi op tijd dus.
Geleend uit een prachtig
kinderboek
De PO-raad reageerde al heel vlot. In de pers werd al gauw een oordeel over het onderwerp gegeven. Ik (brutaal als ik ben) schreef natuurlijk meteen terug aan de PO-raad (waarvan ik veronderstel dat die er zit om wijze raad uit te delen). Verbazing alom, toen afgelopen week de raad mij persoonlijk antwoordde op mijn brief. Schrik!
Dit schreef ik onder andere:
De reactie van de zijde van de PO-raad op de actiegroep 'Op naar geweldig onderwijs' is op z'n minst teleurstellend. Hoe goed je bedoeling ook kan zijn met de Cito-eindtoets als controlemiddel 'op eigen onderwijs' van een school, en het leggen van een startlijn voor goed vervolgonderwijs: men weet bij de PO-raad zeer wel dat
- de resultaten van de toets door gebrek aan controle op de uitvoering en toepassing totaal ondoorzichtig zijn (oefenen, voorlezen, voorzeggen, voordoen)
- de overheid de toets al jarenlang gebruikt om scholen aan elkaar te meten.

Even los van het feit dat ook bij de raad het vermogen tot Begrijpend Lezen enige verbetering behoeft (men veronderstelt mij tot ‘lid van de actiegroep’ hoewel ik daar geen aanleiding toe heb gegeven) stond dit o.a. in het antwoord:
“Anders dan uw actiegroep is de insteek van de PO-Raad om zich in te blijven zetten voor een goed gebruik van de eindtoets. Wij zien geen nut in het afschaffen van dit hulpmiddel, omdat wij het zinvol vinden dat scholen hun eigen advies kunnen staven aan een onafhankelijk tweede gegeven.
Ik denk echter dat we uiteindelijk hetzelfde doel voor ogen hebben: een goed advies voor de leerlingen in groep 8 en bij hun niveau passend vervolg in het voortgezet onderwijs waarbij zij voldoende uitgedaagd worden maar ook niet op hun tenen hoeven te lopen.”

Ik heb maar een stukje schuingedrukt. Je snapt: wij (ik zelf en de heer van Gerven) zullen het over de eindtoets niet gauw eens worden. Ik denk dat het goed is dat je onthoudt dat de PO-raad daarmee een seintje afgeeft aan onderwijspersoneel. Zo iets als: je mag vinden wat je wilt, maar wij zijn de PO-raad, en wij adviseren de minister…. Doe er wat mee.

Dat heb ik ook gedaan. Nu ik weet dat afschaffen van de toets er voorlopig niet in zit, betekent dat voor mij, in mijn tweede rol als opvoeder, werk aan de winkel.
Zoals velen dat tegenwoordig ook doen, heb ik de afgelopen week gespeurd naar enveloppen met toetsen er in. Omdat er geen PO-school is met een kluis was het natuurlijk niet zo moeilijk alvast wat inhoud te ontdekken. Daarnaast heb ik in de afgelopen 20 jaar alle eindtoetsen verzameld, alle Entree-toetsen, alle RW-, Spelling- en Begrijpend Lees-toetsen van dit gerenommeerde instituut op de kop getikt; ik denk dat
mijn  persoonlijk dossier aan CITO-toetsen een schitterende basis zal vormen voor een museum, gewijd aan de laatste basisschool in Nederland… There is life after krimp.

Na het bespeuren van actuele toetsinhoud ben ik mijn kat gaan trainen. Dat hoort zo bij het toetsen-van-tegenwoordig. Alle stimulerende en belemmerende factoren zijn beschreven (kattensnoepjes stimuleren, frisse lucht ook; toetsinhouden belemmeren, maar ja…).
Ik heb een stimulerende leeromgeving voor Wifi ingericht, veel stimulators neergelegd (speeltjes), de buren ingeseind met het verzoek katers voorlopig een week binnen te houden, de computer aangezet voor grafische aanvulling, het beest geleerd om met twee poten een grijs potlood vast te houden, etc. Omdat het intelligente beestje al wel een ruime mate van motorische schrijfachterstand had opgelopen heb ik in overleg met de inspectie toestemming ontvangen om te helpen bij schrijf-aansturing. Inmiddels heb ik er een hele week oefenen op zitten met meerkeuze-vragen.

De vraag die na zo’n week rijst is of een Siamese poes intelligent is. Het kan ook zijn dat het beestje
dermate intelligent is dat wij er niet bij kunnen. Of: misschien is ze anders-intelligent?
In elk geval: het was de afgelopen week een moeizaam proces. Vooral de stimulerende factoren speelden een grote rol; eh… afleidende rol. Voortdurend wilde poeslief wat anders doen met ‘dat propje papier’, dat ‘elastiekje’, dat ‘lekkere snoepje’… Maar een beetje serieus de vraagstelling bestuderen: ho maar.

IK maak me dan ook ernstig bezorgd voor de komende week. Misschien moet ik wat meer werk maken van de belemmerende factoren?
Volgende week: de uitslag. Ik kan niet wachten!

zondag 26 januari 2014

Kansen!

2014! De eerste maand zit er bijna op en we zijn nog niet failliet; het eerste maandsalaris is immers binnen, en voor het eerst in jaren lijkt het weer eens meer… Goed uitgekiend natuurlijk, zo vlak voor de gemeenteraadsverkiezingen. Wij blij, Groningen half blij.

2014! Jaar van de kansen! Passend onderwijs, afschaffing BAPO, 3e generatie CITO-toetsen en nog meer krimp: wat een kansen zullen we dit jaar niet krijgen om het met nog minder nog beter te mogen doen. Toen ik dit weekend in het bondsblad las dat er in de bovenste la van het onderwijzersbureau dozen met Ritalin-pillen en gevulde insulinespuiten te vinden waren dacht ik meteen terug aan mijn BHV-cursus van afgelopen week. Kom maar op met die pillen, ik weet er raad mee!

2014! Jaar van de kansen! In maart gemeenteraadsverkiezingen; PvdA keldert, VVD keldert. Wat een kansen! Na de raadsverkiezingen nieuwe samenstelling voor de Eerste Kamer; kabinet verliest nog meer zetels in de Senaat. Kabinet valt, Rutte struikelt, Bussemaker valt, Dekker verliest excellentie. Nieuwe verkiezingen?

Kandidaat
Ik heb er lang op in moeten praten, dit weekend. Maar: als je kansen ziet moet je ze meteen pakken en ik heb dus fors geïnvesteerd in motivatie en overreding. Ik heb tegen mijn kat gezegd: “Wifi, als je het nu niet doet, gebeurt het nooit meer! Pak je kans, bereid je campagne voor met katten uit de buurt, en ga voor je carriere! Het vaderland roept je tot je plicht, het moet worden gered uit de handen van vizieloze krentenbollen en ontspoorde gasflessen! Wifi for President!”
Het was stil in huize Sybesma. Je zag ze denken. Zou hij echt weten dat het kabinet ontploft? Zou hij echt kansen zien? Wifi op het fluweel van de troon? Wat zou dat betekenen?
Het helpt: zo’n sessie  omdenken. Mondhoeken krullen, schouders worden gerecht, glimlachen komen tevoorschijn.

Wifi op de regeringszetel… Stel je voor zeg. De kans van de Bond voor Vrije Siamezen om eindelijk een pootafdruk te zetten!
Wifi…. 1e vrouwelijke minister-president! Kattenkabinet beéindigt jaren van crisis. Kat zet stempel op kansen voor kinderen… Kat zet tanden in bureaucratie! Kat slaat nagels in Haagse stolp en blaast deze op…. Kattenklauwen doen ambtenaren rillen.
Je maakt een kat niks wijs! Bindt haar maar op het spek. Zet de kat maar bij de melk. Bindt haar de bel maar aan. Als katten muizen mauwen ze niet.  Noem de kat maar de kat. Kat in’t bakkie!


Eén zondagje kabinet timmeren: moet je eens zien.
Netwerken, hè?


2014: jaar van de kansen. Pak ze! 

zondag 19 januari 2014

Onbetaalde rekening

‘Een bijkomend voordeel’, besluit Henk van der Weijden, ‘van deze geheel andere opzet van de kwaliteitsbewaking is dat het onderwijs straks niet de rekening gepresenteerd krijgt voor de bezuinigingenwaar zij zelf tegen waren. Want dat is bij ongewijzigd beleid de te verwachten uitkomst. De inspectie zal namelijk de aantasting van de 
inspectrice
kwaliteit toeschrijven aan incompetentie van leraren. De scholen die de inspecteur op zijn beeldscherm voorbij ziet trekken en die aardig hebben gescoord op de toets, krijgen het ‘vertrouwen’ van de inspectie en worden maar één keer per vier jaar fysiek gecontroleerd. En dan keer ik het even om: die andere scholen worden dus gewantrouwd! Maar wat mij nog meer stoort, is dat bij dat oordeel nauwelijks meegenomen wordt hoe de populatie van zo’n school eruit ziet. Dat gaat straks dus ook weer gebeuren. Als de kwaliteit terugloopt, zal men dit toeschrijven aan leraren die niet goed lesgeven. Dat er op een school veel kinderen zitten die door de bezuinigingen niet bij het speciaal onderwijs terechtkonden, zal niet meetellen. Die kinderen scoren minder en dat krijgt de school dus op zijn boterham.
De bron van de ellende blijft dus buiten beschouwing. En men zal dus al helemaal niet zeggen: “Deze achteruitgang komt door die bezuiniging en de andere werkwijze van de inspectie”. Daar zullen de wetenschappelijke instituten of universiteiten wel een keer achter komen. Of over twintig jaar een enquétecommissie à la Van Dijsselbloem. Dan zeggen we: “Dat hadden we eigenlijk niet moeten doen.” (Citaat Henk van der Weijden, oud-inspecteur)
Excuus voor dit nogal lange inleidend stuk. Beter een heel citaat in de hand dan tien inspecteurs achter een
Terwijl ik dit schrijf zit mijn kat op  de rand van het beeldscherm te grijnzen. Misschien is het ook wel een vuile blik, wie zal het zeggen. Het beest vermaakt zich als Vrije Siamees waarschijnlijk tot in haar scherpe nagels, omdat ik er zo kwaad over maak.

Ik denk terug aan eind jaren tachtig. Op de school waar ik werk wordt, samen met 99 andere scholen en een universiteit, gewerkt aan de ontwikkeling van het eerste leerlingvolgsysteem in Nederland. Wij trots, immers: straks zouden we de resultaten van onze prachtige leerlingen in grafiekvorm kunnen presenteren. Een collega zegt nog, zo tussen neus en lippen door: “Het is natuurlijk wel een mooi middel voor de inspectie om te controleren….”. Wat een wantrouwen…
bureau, zal ik maar zeggen.
Nu zijn we 25 jaren verder. CITO heeft de macht, inspecteurs hebben geen enkel zicht meer op de werkelijkheid-in-de-klas, leerkrachten worden geacht tovenaars te zijn en internationale vergelijkingsbarometers bepalen de windrichting (vooral oostenwind tegenwoordig). En we weten wie het gedaan heeft als er iets niet op orde is. De zogenoemde inspectiekater….

Dat was de sombere kant. Afgelopen week stonden de excellente scholen in Nederland even in het zonnetje (een januari-zonnetje, dat wel). Ze zijn er dus toch! Ook daar worden toetsen afgenomen, en ook daar houden inspecteurs toezicht. Ze staan niet allemaal in Wassenaar-achtige dorpen. En toch… zijn ze excellent. Dat lijkt me een uitdaging. Toch?

In een artikeltje in het AoB-blad stelde Herman Godlieb, bekend van zijn schrijfsels in het Nieuwsblad van het Noorden: “Mogen minder excellente leerlingen alsjeblieft ook nog plezier hebben in school?”
Ik heb een hele week lopen oefenen op deze zin. Probeer maar eens. Beetje spelen met de klemtoon, dan kunnen  er heel wat verschillende dingen staan.
Hij had zich beter kunnen afvragen of meer excellente leerlingen dat plezier in school mogen beleven. Voor de minder excellente is de vraag dan al beantwoord….
Zo vanne… laten we ook eens wat anders doen dan taal of rekenen…. Dansklas, een eigen korfbalteam, studiebollenbal, koken-voor-ouders, ons eigen winkeltje en andere praktijkzaken, onze filosofenclub…. Ik bedoel maar… wij zijn toch ook ergens excellent in?

zondag 12 januari 2014

Talentmanagement? Hoezo?

Schokkend nieuws over tieners/pubers afgelopen week! Nee, dit keer geen drank of drugs, geen pesterij of misdaad… Nee, gewoon iets uit het dagelijks bestaan van pubers:
“Huiswerk is al gauw te moeilijk, maar een game kan nooit te moeilijk zijn”!
Dat is toch redelijk schokkend, niet waar? Maar dat was niet alles, het is kan nog een slag erger.
Andere titel: “Waarom tieners zich dood vervelen in de klas”; ‘Schoolsysteem sluit weinig aan de behoeften van jongeren”; Apatische verveling slaat toe”.
’t Is crisis, dus ik doe er nog maar een schepje bovenop (doseren helpt, zeggen ze wel eens, en zo lang ze nu al doseren duurt de crisis ook al; daarom alles maar in één keer op tafel). In november heeft de WRR (de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid) een rapport uitgebracht, onder de titel “Naar een lerende economie”.
Ook hier een beetje crisis, maar dan van een andere soort, een soort die we ons serieus aan mogen trekken, of we nu werkzaam zijn in het onderwijs of daarbuiten. De Raad heeft uit langdurig onderzoek en analyse van de wereldeconomie een aantal conclusies getrokken die er niet om liegen. In het rapport is ook een hoofdstuk gewijd aan onderwijs.
Al met al stemt dat niet vrolijk, als de Nederlandse economie als uitgangspunt wordt genomen. Er staan dingen in het rapport die we in onderwijsland het liefst niet willen zien en wel ontkennen. Maar vooruit: in crisistijd moet je met de neus op de feiten worden gedrukt (het moet wel eens door de strot gedouwd worden).
Nederlands onderwijs wordt wel vaak vergeleken met dat van de Verenigde Staten. Het komt er dan steevast gemiddeld beter uit (fijn toch?). Maar waarom zou je je blijven vergelijken met wat bepaald niet meer het slimste jongetje van de klas is?
Zet Nederland eens in het rijtje Singapore, Zuid-Korea, China, Finland, Japan en Canada: dan scoren we elk jaar minder. Langzamerhand gaan kwaliteit van basisonderwijs en voortgezet onderwijs achteruit in de vergelijkingen; niet omdat er steeds nieuwe landen bij komen in het rijtje, maar ècht in vergelijking tot deze vier.
Daarnaast zegt het rapport: ‘op het Nederlandse schoolplein is het opleidingsniveau van de gemiddelde ouder hoger dan dat van de leerkracht’. Daarmee is meteen een trend gezet, want: ‘het gemiddelde opleidingsniveau van kinderen zal wel eens lager kunnen worden dan dat van hun ouders’, anders gezegd: de emancipatie van de burger is geslaagd en af.
Onderwijs van de komende decennia moet vooral talentmanagement worden; weg van onderwijs als in de tijd van de overgrootouders waar moeders vaak thuis zaten tussen de middag om kinderen op te vangen, waar vakanties waren gerelateerd aan oogsttijden, waar leerlingen allemaal worden klaargestoomd voor banen waarvan een deel niet meer bestaat als ze ‘groot’ zijn, waar creativiteit is ondergesneeuwd (terwijl het juist zo belangrijk is voorde banenmotor) en waar kindeigen talenten niet of nauwelijks uit de verf kunnen komen.

In mijn observatorium struint een hamster rond. Regelmatig mag het beest vrij. Dat is betrekkelijk, want er
struint ook een kat rond, die zich vermoedelijk geen raad weet met een Vrije Hamster (dat past niet in het Bondsplaatje).
Die hamster beschikt over (voor zover ik het tot nu toe heb begrepen uit observatie) een uitmuntend treitertalent. Je zou zeggen: al rollend in de vrije ruimte zal het beestje pogingen doen van de weg te rollen.
Integendeel; het fenomeen doet zich andersom voor. De kat kijkt, speurt, maar doet ook gauw een stap terug als hamsterlief te dichtbij komt.

Ik denk even terug aan de pubers: apathisch, dood vervelen, hangen… totdat er gegamed mag worden; dan gaan meteen de remmen los, worden de rollen verdeeld, wordt de apparatuur geïnstalleerd en gaat het spel los….

zondag 8 december 2013

De lat

Ik zit vanavond voor het eerst op mijn nieuwe kamer. Met nostalgische gevoelens, dat wel.

Ooit, lang geleden, toen wij dit huis hebben betrokken, ben ik begonnen op deze kamer.
’t Was de kleinste kamer van het huis (op de wc na dan), en ik werd met boeken en al hierheen verwezen. Ik kan mij niet goed meer herinneren of dit ook uit eigen keus was, of ik geprotesteerd heb… Wat ik wel weet dat de inrichting van dit kamertje mij er toen acuut toe gebracht heeft bij de Gamma een boorhamer te gaan kopen. De Gamma, ja; die was er toen al in Hardenberg, en zat in het gebouw van de melkcoöperatie. Zowel boorhamer als melkcoöperatie zijn inmiddels gesneuveld, de Gamma niet. Die is inmiddels al tig keer verhuisd.

Maar goed, even bij de les: het gaat dus over mijn nieuwe oude kamertje. Het is inmiddels een doorgangskamertje geworden. De Circle-of-Life is hier wezenlijk voelbaar. De verdringing ook.
Eerst kwam ik er in, toen de ene na de andere zoon, en nu zit ik er weer.  De tijd die ik hier niet door mocht brengen was de tijd van verbanning, naar de zolderkamer. En nu die tijd eindelijk voorbij is, zit ik weer op het kleinste kamertje. Op de wc na.
Voor mij hangt het computerbeeldscherm aan de muur.  Links van mij is het raam, waardoor ik de gehele tuin kan overzien. Recht de overkapping in, met de gezellige kerstverlichting van nu…
Achter mij staat de wand geheel volgebouwd met een steigerhouten boekenrek. Geheel gevuld met boeken inmiddels. 1500 kilo zo ongeveer… 

Het toetsenbord, waarop ik dit gezwam tik, staat op het volledig gerenoveerde steigerhouten bureau.
Voor de rest is het chaos. Papier, tijdschriften, rommeltjes, gevonden voorwerpen….
Eén troost. Vanmorgen was het drie keer zo erg. Het steigerhouten stonden strak in het gelid, klaar om samengebouwd te worden tot wat ik van plan was te realiseren: voor het eerst in mijn leven een leeg bureau! Geen frutseltjes en fratseltjes, geen papieren, geen boeken, geen pennenbakken, nee, gewoon leeg! Nou ja, op toetsenbord en muis na….

Commentaar dus, over de frutsels en de fratsels…. ‘Hoer komt je bureau nu alweer zo vol, waar haal je toch al die troep vandaan, doe toch es wat weg, zal ik je helpen…’ En dat is nog maar een uittreksel. Zelfs heeft men al aangeboden de kat op mijn kamer los te laten, omdat dat beestje er wel een gat in zag….
Niemand die ziet dat het vanmorgen drie keer zo erg was. Alleen maar zicht op wat het nu is. Geen verwachting voor de toekomst, alleen maar gebrek aan hoop vanuit het nu.

Ik raak aan de lat. Aan de steigerhouten lat, om precies te zijn, Ik heb nog wel een paar stukken over: beetje bijslijpen, beetje inkorten en dan zijn ze multifunctioneel inzetbaar. Als slaghout, of als poort-afsluiter. Ik kan tenslotte altijd nog door het raam het dak op.


Ik zit vanavond voor het eerst op mijn nieuwe kamer, en het is er een chaos. Gelukkig is Boer zoekt Vrouw zo meteen voor de TV. En als ik die boeren zo zie is er voor mij en mijn nieuwe kamer nog wel wat hoop….