zondag 29 juni 2014

De dwaasheid van de ouderdom

Omvliegen doen ze, de schooljaren. Of komt het omdat ik 'op leeftijd begin te raken?'
Nee, dit keer geen verhaal over de kat. Afgelopen vrijdag, en daarna zaterdag weer, heb ik mij verlaagd tot strijd met moeder aarde. Aarde in de tuin rondom mijn nederige stulp. Voorzien van spade en karretje nam ik mij voor tot een grondige grondverplaatsing over te gaan. Dus: eerst zwarte aarde uit de tuin, en vervolgens geel straatzand er weer in.

Potverdrie, geen sinecure. 10 jaar geleden draaide ik mijn schep daar niet voor om, nu lijd ik aan ernstige spier- en gewrichtspijnen. Een kar volscheppen met mooie zwarte aarde, dat is als zien waar straks het nieuwe straatwerk komt te liggen. Aldus gedaan, en daarna rap vertrokken naar de plek waar dit mooie spul kon worden afgeschept. Ik kan je vertellen: op dat moment stelde ik mij stevige levensvragen. Nee, nee, niet over doorgraven in de zwarte aarde (dat is toch ook weer van te drastische aard), maar wel over de vraag waarom ik op mijn .6-ste nog aan dit soort avonturen begon...

Vervolgens kwam de bulldozer om mijn kar geheel te vullen met geel straatzand. Aldus geschiedde. De eerste voorraad werd nog wat aangedrukt, waarna nog een halve kuub boven op karretje werd geknikkerd. Banden bolden op, links en rechts rolde er weer wat zand af, en mij werd vriendelijk verzocht het geheel af te dekken met een net. De rekening werd voldaan, en ik vertrok met kar en al richting gat. Alras kwam ik er achter dat de kar wel zeer goed gevuld bleek. Piepend en krakend, wippend en duwend achtervolgde de kar mijn auto. Met veel protest werden drempels genomen, en, vanwege het zeer ruim afstand houden door medeweggebruikers, twijfelde ik al rijdend aan de betrouwbaarheid van eerdere adviezen. Onder spiedende blikken van alom arriveerde ik weer bij mijn gat. Onder tijdsdruk werd het karretje van zand ontdaan (en pas toen kwam ik er achter waarom je een zot genoemd mag worden op je .6-ste). Welke gek op het idee komt om na een nacht van regen geel straatzand te willen verplaatsen... Ik ben niet de sterkste man van Nederland.

Het hele weekend heb ik uitgeput bij feestelijkheden aangelegen. Pas nu, bij het typen van dit stukje, ben ik weer in staat twee vingers te heffen. In de wetenschap dat pas dinsdagavond de stratenmaker bij mij voor de deur staat... Precies, om de straat te maken die ik in mijn gedachten heb. Of ik er onder lig of er overheen loop: ik zal het pas woensdagochtend weten.
Succes met de laatste week. Tip: stel je tuinplannen uit!

zondag 22 juni 2014

Is er leven na de vakantie?

Morgen begint de voorlaatste week van het schoolseizoen 2013-2014. Op de eerste schooldag van het schooljaar, 19 augustus 2013, had je niet kunnen denken hoe snel dit schooljaar zou gaan omvliegen. Even achteruit kijkend, en je zegeningen en zonden geteld: was het een waardevol jaar?

Hoe zou dat met de leerlingen zijn, hoe kijken zij er op terug? Hebben zij ook werkdruk ervaren, en zo niet, waarom niet? Want jij als leerkracht had dat toch wel? Hebben ze een schooljaar gehad dat hen gaat heugen, en waarom? Was het voor hen ook een jaar van waarde?
Ik stond er extra bij stil bij het lezen van een kort verslag van een onderzoek over pesten (ik geef je zo meteen ook de gegevens over dat onderzoek, zodat je weet dat dit er eentje van het serieuze soort was).
Voor het eerst is er een lange-termijn-onderzoek gedaan naar de effecten van langdurig gepest worden. De onderzoekers hebben daarbij gebruik gemaakt van gegevens van de British National Child Development Study, waarin 7.771 kinderen (die in dezelfde week in 1958 zijn geboren en vijftig jaar zijn gevolgd); toen zij 7 en 11 jaar oud waren is aan hun ouders gevraagd of de kinderen gepest werden. 28 % werd soms gepest, 15 % regelmatig.
Veertig jaar na het vaststellen van deze antwoorden is duidelijk dat dat pesten effecten heeft op meerdere gebieden. Groter risico op zelfmoord(-gedachten), slechter cognitief functioneren, minder waardering voor eigen leven en minder kans op relaties. Met name de groep die frequent gepest werd kende genoemde problemen.
Kortom: een school waar waarde van leven hoog staat aangeschreven wil ook het belang kennen van waardenvolle omgang.  Pesten blijft kinderen levenslang achtervolgen (het laat je nooit meer los).
(Takizawa R., Maughan B.,& Arsenault L. (2014): “ Adulth health outcomes of childhood bullying victumization; Evidence from a five-decade longitudinal British birth cohort”)

De huiveringen liepen mij over de rug, vooral toen de kat me voorbij liep. Het viel me al een tijdje op dat de kat altijd met een ruime boog om mij heen liep.  Nu heb ik grote schoenen en lange benen, en daar weet ik het eigenlijk aan. Maar zelfs als ik het beestje op mijn arm neem (gelukkig ook lange
armen, in verband met die boog) is te zien dat Wifi mij altijd enigszins wantrouwend aankijkt.
Overleg met de gezinsleden leverde een keiharde confrontatie op; als ‘ze’ tegen je zeggen dat ‘je de kat ook altijd plaagt’  en dat het beest ‘daarom niets van je moet hebben’, dan is dat wel een klap in je gezicht(zeker als je net die studie over pesten aan de kant hebt gelegd). Het is dus mijn schuld, dat deze kat voor de rest van haar leven aan zelfmoord zal denken, eigen leven minder waardeert, maar vooral relationele stoornissen heeft opgelopen. Verdedigende opmerkingen over ‘ schreeuwen tegen een kat die aan de bank krabt’ (vrouwlief), ‘spuiten met de waterspuit’ (kinderen), of over’ het gezamenlijk besluit tot sterilisatie’ (met funeste gevolgen voor relatie-ontwikkeling), het mocht allemaal niet baten.
Ik sta dus nu te boek als ‘kattentreiteraar’  die de rest van dit kattenleven tot een bezoeking maakt. Ik vind het erg. Aan de andere kant: het is ook een kans.

In dit land is het toch al doodgewoon om van rottigheid nog iets te maken.  Nee, ik richt geen politieke partij op. Ik ga een tv-programma-formule ontwikkelen onder die al genoemde titel. Dit keer wordt het geen hondenfluisteraar, maar ‘kattentreiteraar’ .


Maar eh… zonder gekheid… Zouden er ‘bij ons op school’ ook kinderen rondlopen, waarvan we kunnen denken: daar wordt een levenslang trauma opgebouwd?
Sterkte, deze week, en een extra oogje open dan toch maar….

zondag 15 juni 2014

Kletsisme

…-ismes, ze zijn er zat: kapitalisme, communisme, humanisme, maoisme, kubisme,feminisme, futurisme, marxisme, seksimse…. Er zijn er vast nog veel meer, en los van de ismen: het is al moeilijk genoeg de Nederlandse taal te verrijken…
Maar mij is het gelukt! Ik heb een nieuw woord ontdekt! Het stelt niet veel voor, dat woord, maar dat ik het
kan: geweldig! Onvoorstelbaar…. Dat zal mijn leraar Nederlands vroeger nooit achter mij gezocht hebben, als ie al ooit wat achter mij gezocht zou hebben…. Zoals gezegd: mijn nieuwe verrijking stelt niets voor, en daarom heeft het natuurlijk ook zo lang op zich laten wachten; dat ik er nooit eerder op gekomen ben: NIETSISME. Het betekent dat dat, wat je doet, niets voorstelt.
Hoe kwam ik daar nu op… Wel, als je je krantje dagelijks leest lees je, op opeenvolgende dagen, de volgende koppen:
‘Economie-onderwijs deugt niet’
‘Mbo deugt niet’
‘Deeltijdjuf deugt niet’
‘Leenstelsel deugt niet’
‘Onderwijsresultaten deugen niet’
‘Pestmethoden deugen niet’
Genoeg ellende voor zes dagen in de week. Onderwijs: NIETSISME! En als die laatste kreet nu nog klopte…. Als er iets deugt in dit land is het de methoden waarmee leraren gepest worden!
(Tussen haakjes: als je bij Google-afbeeldingen zoekt op NIETSISME, kom je in de resultaten ook een afbeelding van Plasterk tegen....)

Ik schakel daarom maar gauw over naar de zegeningen. Je hebt van die momenten… Zo zat ik op Eerste
Pinksterdag in de kerkdienst wat voor me uit te mijmeren. Flarden van de preek drongen door, andere flarden werden meegenomen op vlagen van de wind (om in de Pinksterbeeldspraak te blijven). Toch liet de geest me niet in de steek, en prikkelde hij me op andere gedachten dan die uit de preek. Op zeker moment bezigde de predikant de term ‘opbrengst’. Ik zie je opveren: dat heb je vaker gehoord! Het woord komt natuurlijk inmiddels je neus uit. Opbrengst: dat is waar jij tegenwoordig voortdurend op afgemeten wordt….
De prikkel kwam van een zinsnede die op het grote doek verscheen (alsof er dit keer ‘een hand op de muur schreef’): ‘vruchten van de Geest’. Alsof er een bliksem door m’n hersenpan schoot!

Dat is immers precies waar het in ons werk om gaat! De term ‘opbrengst’ is een economische term, die de intentie heeft van omzet – kosten = winst. Eigenlijk is het een schandalige term om werk in onderwijs in samen te willen vatten! Handelingsgericht werken, zo’n fraaie term die vlak tegen het opbrengstgericht werken aan hangt… Zo is werk met kinderen dus vertaald naar liberale economische termen: het werk is
alleen zinvol als het winst oplevert.

Terug naar die kerkdienst, en naar de bliksem… Plotseling wist ik het weer, en leek het me onbegrijpelijk toe dat ‘wij-in-christelijk-onderwijs’ ons zo hebben laten meeslepen in zulke economische terminologie. Bij ons zou het zo niet mogen klinken.
Wij werken immers ‘in de wijngaard’; trots zijn we op de druivenranken die we hebben geplant, en nog trotser willen we zijn op de vruchten die ons werk opbrengt, de oogst die ‘ze bij het CITO’ best mogen zien… Oogsten laat zien dat er hard werken aan vooraf gaat, dat er soms tegenvallers kunnen zijn maar dat we in elk geval dagelijks ons stinkende best doen om de vruchten te zien groeien en bloeien…

Hoezo: opbrengst? Wij werken aan de oogst… Stel je nu eens voor dat wij in zulke termen zouden spreken als de inspecteur ons met een bezoek vereert; als wij de term ‘opbrengst’ niet meer willen begrijpen….

zondag 1 juni 2014

Een titel zegt ook niet alles....

Nu alles in Europa gewoon verder gaat als het al ging (en wij dus daar nog steeds niets in de melk te brokken hebben) heb ik mijn blik ook maar eens verlegd. Zo van: waar moet ik het vandaag eens over hebben…
Bijvoorbeeld over het doorvoeren van nieuwe CITO/normen in Parnassys per 1 augustus aanstaande? Of de start met Passend Onderwijs en de hordes kinderen-met die straks worden aangemeld? Over het veranderend inspectietoezichtskader per 1 augustus 2016, waarin eindelijk eens naar meer wordt gekeken dan alleen rekenen en taal (niet dat je daar vrolijk van moet worden want als de inspectie op nog meer gaat letten….)? Of op de sprankelende opmerking van mevrouw Edith Hooge, hoogleraar onderwijsbestuur, die op een door het Ministerie van Onderwijs georganiseerde Dag van het Onderwijsbestuur een nieuw discussie-item inbracht, onder het motto: tijd voor een bommetje?
Zij stelde namelijk het volgende:
Leerkrachten die in deeltijd werken geven minder goed onderwijs en halen bovendien de status van het vak naar beneden.

Je ziet: ook na Europa is er weer genoeg keuze, waarbij ik bijna een mooi citaat van Loesje nu geheel over het hoofd zou zien:
School is: de plek waar 4 + 8 een 6 als antwoord oplevert.


Ik houd wel van schokkende uitspraken. Die mevrouw Edith Hooge, ik had er nog nooit van gehoord. Minister Bussemaker wel natuurlijk, want anders had die mevrouw nooit op zo’n congres mogen spreken. Zou er vooroverleg geweest zijn? Net zo in de periode dat er in de pers gewag van gemaakt wordt dat het aantal mannen-in-het-onderwijs zo gering is (tenminste de mannencategorie die niet de les ondergaat) komt er zo’n Hooge mevrouw uit de lucht vallen die een schok teweeg wil brengen. En waar kun je dat het best doen? In onderwijsland natuurlijk. Daar is respect voor ‘de werkvloer’ toch al tot het minimum gedaald, daar kan altijd een bommetje bij. Slechter kan het toch niet worden.
Even optellen: leerkrachten kunnen niet rekenen, dus kinderen leren het ook niet meer.
Leerkrachten kunnen niet spellen, dus hele generaties groeien op met gemankeerde taal.
Leerkrachten werken alleen maar voor vakanties, zien kinderen als overlast.
Leerkrachten werken überhaupt niet, ze spelen slechts veredeld kinderoppas (en zelfs dat kunnen ze niet omdat ze geen orde meer kunnen houden).

En nu weten we waar het allemaal van komt! En dat door die Hooge mevrouw! Kijk maar wat ik uit de pers haalde:
De Onderwijsinspectie constateerde eerder al dat docenten die in deeltijd werken minder didactische
vaardigheden hebben en minder goed kunnen omgaan met verschillen in de klas. Hooge vindt dat scholen en bestuurders zich de kritiek van de onderwijsinspectie flink moeten aantrekken.
In Nederland werkt 35 procent van de leraren in het primair onderwijs in deeltijd. Het merendeel daarvan zijn vrouwen; veertig procent van de juffen werkt minder dan vier dagen. Van de mannelijke leraren is dat dertien procent.
In een essay dat Hooge op verzoek van het ministerie schreef, stelt de hoogleraar dat scholen waar veel docenten in deeltijd werken zorgen voor “eenzijdig samengestelde teams van middelmatige leraren.” Volgens haar leggen deeltijdjuffen hun prioriteiten vooral bij de zorg thuis en dat gaat ten koste van hun werk als leerkracht en de continue professionalisering die daar, volgens Hooge, bij hoort. Daardoor maken deeltijdkrachten het voor anderen met grotere ambities “zeer onaantrekkelijk” om in het onderwijs te gaan werken, stelt zij.

Zo! Daar kun je het mee doen! Nieuwsgierig als ik ben kijk ik dan meteen ook even naar het LinkedIn-profiel van deze mevrouw. Zie ik een foto van een dame van zo’n jaar of vijfendertig. Wel slim, hoor. Zou ze al kinderen hebben? Werkt bij de BMC-groep, bij TIAS School for Business and Society, werkte ooit bij de Hogeschool van Amsterdam, opgeleid aan de UvA, dus eh: die weet echt wel waar ze het over heeft! Vast geen kinderen.

Maar eens even tellen hoeveel parttimers bij ons (Viviani) ambitieloos druk zijn met de thuiszorg…. Ben jij toevallig wel fulltimer? En werk je ondanks dat toch in zo’n onaantrekkelijke onderwijsbaan? Oké…. Dus jij hebt geen ambities! 

Tijd voor de grote opruiming. Iedereen er uit! Fulltimers zijn ambitieloos, parttimers kennen het woord 'ambitie' niet eens. Weg ermee!


Bij ons thuis kennen we het verschijnsel part-time amper. Ik werk bijvoorbeeld, op mijn BAPO-tijd na, bijna altijd. Mijn kinderen gaan naar school (dat is geen werken, maar toch…). Mijn kat is fulltime bewaker van ons domein in Hardenberg. Rest mijn vrouw. Oei, die is part-timer…


Die mevrouw Hooge… Pas op: die kom je vast nog wel eens tegen op een adviespost bij het Ministerie van Onderwijs. Als je zulke spraakmakende dingen zegt. 

zondag 18 mei 2014

Scip geskipt

Politiek is een lastige zaak, zo bleek afgelopen week maar weer. Het begon met een definitief ‘ nee’ van Neelie Kroes (ze hield graag vast aan haar digitale agenda), maar wat erger was: de leiding van de partij liet het geheel afweten. Ik heb Wifi deze week alleen maar gesignaleerd bij haar vreetbak en in haar slaapbak… Dat kun je natuurlijk allemaal wel na de verkiezingen doen, maar niet in campagnetijd. Luie do…..
Kortom: vergeet maar dat pensioen op je 59ste, de iPad voor elke Europese leerling enz. Laat je aanstaande donderdag maar voor de gek houden, stem of stem niet (dat maakt op zich geen verschil, al heet wèl stemmen democratischer). En bij dezen ga ik dan maar weer over tot de orde van de dag. Gelukkig is er altijd wel wat te vinden.



Zie daar. Een inspectie-rapport. Nee, nou niet meteen ach en wee roepen, je kunt er best wat van leren. Vooral dit keer….


“De Inspectie van het Onderwijs vindt dat de motivatie van leerlingen beter kan. Volgens het verslag over het schooljaar 2012-2013 zijn Nederlandse leerlingen vaak minder gemotiveerd om te leren dan leeftijdsgenoten in het buitenland. Inspecteurs zien geregeld lessen waar een groot deel van de leerlingen niet actief bij betrokken is. In het voortgezet onderwijs gaat het om 21 procent van de lessen, in het basisonderwijs om 9 procent. De Inspectie gaat de komende tijd kijken hoe hier iets aan kan worden gedaan.”

‘t Is mooi dat zoiets in een rapport van de inspectie staat. ‘Ze’ hebben het zelf, met eigen ogen, gezien. Ze gaan ook kijken naar wat ze eraan kunnen doen.

Op LinkedIn kwam ik de boodschap van de inspectie ook tegen, maar dan met een wat andere titel: “Leerlingen vinden school maar saai”.
Laten we de inspectie eens gaan helpen, uit eigen ervaringen. Tegenwoordig komt een inspecteur op school met hoofdzakelijk maar één doel: hoe scoort de school, hoe scoort de leerling. Er wordt gekeken naar cito-scores, naar analyses, naar leerlingvolgsystemen, in klassenmappen etc. etc. Wellicht is er ook tijd om in de klas te kijken; dan wordt er vooral gekeken of de leerkracht wel handelt naar wat er uit al die toetsen en analyses blijkt. Prima: allemaal van belang voor kwalitatief goed onderwijs.
De gevolgen van deze manier van kijken zijn er naar; als rekenen en taal en begrijpend lezen in de ogen van de inspectie zó belangrijk zijn geworden, dan zal er in de klas noodzakelijkerwijs meer tijd en aandacht in deze vakken worden gestoken. Iedere onderwijskracht weet dat dat in de afgelopen decennia is gebeurd; waar vroeger 3 kwartier per dag werd besteed aan rekenen is dat nu soms wel meer dan het dubbele. Voor veel leerkrachten is onderwijs verworden tot het klaarstomen voor periodieke toetsen.

Ik kan me dan ook goed voorstellen dat onderwijs ‘saai’ is geworden voor leerlingen. En: hoe langer je
onderwijs volgt, hoe saaier het wordt. Geloof je me niet? Vraag maar eens na, leerlingen zijn er genoeg.

Fijn dat de inspectie deze conclusie zelf trekt. Ik zou, als ik inspecteur was, maar eens beginnen met in eigen boezem te kijken. Wellicht ligt de oorzaak voor het grijpen…
Maar, voordat je nu denkt: precies, zo is het… Er staat in bovenstaand citaat nog een zinnetje. In het basisonderwijs zijn leerlingen in 9 procent van de gevallen niet actief bij de les betrokken. Dat betekent zo iets als: Jantje is op zoek naar rondvliegende vogeltjes, Pietje zit stiekem op z’n mobiel te loeren, Gerrit produceert en gooit propjes. En als je ze zou vragen waarom ze dat doen zouden ze waarschijnlijk zoiets roepen dat  ‘ er toch niks an is’ .  Daarom is het maar goed dat die inspecteur nog steeds op schoolbezoek gaat.  Laat de dingen maar gezegd worden….
Of zoals op http://www.jeltevanderkooi.nl/brief-uit-mijn-hart/

En Wifi? Heeft die een saai leven? Geen sprake van. Zij hoeft niet naar school, zij leert van het leven zelf! Dat is veel interessanter. Zo kun je net zo veel slapen als je zelf wilt. De baas zorgt voor je hapje en je drankje, en als je niet wilt slapen dan sloop je de meubelen, struin je het aanrechtblad af, pik je de haring van je baas in of zet je de tuin op de kop. Beetje rennen en dollen, dat is kort samengevat het leven van Wifi. Geen inspecteur op de nek, geen leerkracht ook, gewoon: de vrijheid…
Maar ja: als kat hoef je je pensioen ook niet te verdienen….

Oh ja. Wifi wil wel graag, na de opheffing van SCIP, een stemadvies meegeven. Kies voor IQ-REPP (Google maar voor het partijprogramma). Als euroscepticus heb ik nu, na anderhalve weel, wel zo ongeveer in beeld waar ik op moet stemmen: Artikel 50.  Wat voor mij is het, behalve een beetje minder Wilders, ook ècht wel een flinke scheut minder Europa…

zondag 11 mei 2014

Europa op de kop

Vandaag is het 11 mei. Nog 11 dagen en we mogen  weer naar de stembus. Ergens moet je dan voor jezelf wat tijd nemen om vast te stellen welke partij je stem verdient. Tijd dus voor een lijstje van wenselijke ontwikkeling (en denk erom: het gaat hier wel over een totaalpakket, en niet een lijst waaruit naar believen kan worden gekozen).

Wat is er volgens mij nodig? Mijn persoonlijke voorkeur ligt bij afschaffing van de Europese Unie (of in elk geval afschaffing van de euro). Helaas zal dat weinig bijval vinden, en Wilders mag ik niet zo… Dus: wat wil ik dan wel?


Allereerst kan het volgens mij geen kwaad de volledige zeggenschap over onderwijs bij de EU onder te brengen. Neelie Kroes lijkt mij een prima kandidaat voor de functie van Europees Commisaris voor Onderwijs (ECO). Daarmee zijn we in één klap verlost van Bussemaker (of was het Bussenmaker) en Dekker en de Nederlandse onderwijsinspectie. Bovendien hebben we geen last meer van de onderwijsspecialisten in de Tweede Kamer, die vervolgens zich weer kunnen concentreren op hun werkelijke deskundigheid: tuinboontjes kweken.

De programmapunten in het kort:
1.      Alle kinderen in de EU krijgen van overheidswege een gratis warme maaltijd per dag
2.      Alle kinderen krijgen een gratis fruitpakket per dag
3.      Alle kinderen krijgen van overheidswege een iPad verstrekt.
4.      De werkweek van een basisschoolleerkracht moet bestaan uit maximaal drie-en-een-halve dag lesgevende taken (maximaal twee-en-twintig lesuren); anderhalve dag per week moet beschikbaar zijn voor taken en voorbereiding.
Neelie Kroes kan er ook voor zorgen dat de onderwijs-arbeidsvoorwaarden in de Europese Unie worden rechtgetrokken: goede opleidingen, korte werkweek, verplichte pensionering op 59-jarige leeftijd….
Dat lijkt me toch een mooi pakket, niet?

De volgende stap is: nu de partij zoeken die het best bij mijn eisenpakket past. Daarvoor ga je natuurlijk in Nederland naar de Kieswijzer. Helaas is er nog geen Europese versie, dus ik moet ook een beetje op reis door politiek Europa. In Polen moet ik naar wybrać wskaźnik, in Portugal is de naam selecionar ponteiro; in Zweden is het välj pekare en in Griekenland moeten we naar επιλέξτε δείκτη
De Europese gedachte heeft hier nog niet echt ingang gevonden, want ik geef je het te doen de Kieswijzer op z’n Grieks te volgen…
Al met al: twee avondjes Kieswijzers op z’n Europees vergt veel koffie, veel geduld, heel veel energie en
weinig resultaat (o, had ik maar….).  Geen enkele partij die bij mijn eisenpakket past. Rest mij dus mij terug te trekken met de kat voor een politiek onderonsje in de wandelgangen van huize Sybesma…

We zijn er uit! Als er in Europa niet één partij te vinden is waarin ik mijn eisen terug kan vinden, dan richten Wifi en ik toch onze eigen partij op? Wifi (de kat dus) heeft al de nodige bestuurlijke ervaring opgedaan in de Bond van Vrije Siamezen, en zelf ben ik ook niet op mijn achterhoofd gevallen.

Weet je: het leuke van even sparren met Wifi is dat er zo een resultaat ligt. Het politieke programma was zo geschreven en een naam snel gevonden.
Programmapunt 1: schaf de EU en de euro af
Programmapunt 2: als punt 1 niet lukt, voer dan het onderwijsprogramma uit zoals hierboven geschetst.
Programmapunt 3: Neelie Kroes eerste Europese Minister van Onderwijs.
 
Je zult de naam van onze partij tegenkomen op de stemlijsten, als Neelie een beetje meewerkt. En: de naam van onze partij is….

Voordat die onthuld wordt dit. Wifi en ik hebben besproken dat in de naam van de partij onze hoofdpunten helder terug moeten komen, in de juiste volgorde: eerst EU afschaffen en als dat niet lukt punt 2 van het programma. We hebben onze partij dan ook een veelzeggende naam meegegeven

SCIP

In Nederland mag je voor de C een K lezen. Snap je hem?
De afkorting staat voor:

Siameze Cats in Power




Dus: heroverweeg je beslissing om niet te gaan stemmen nog eens en kleur het vakje rood bij SCIP.
We zijn druk met het ontwerp van onze posters, en wie weet vinden we nog net even tijd en een flinke portie geld voor wat TV-reclame…

maandag 21 april 2014

Paashaas (man/vrouw)

Ik keek er naar uit, de Paasdagen. Voor mij is dat zo’n beetje het begin van het goeie deel van het jaar. En: wees eerlijk, het was zaterdag toch prachtig weer? Prima weer om de eitjes te verstoppen, ware het niet dat
mijn kinderen die dingen op eerste paasdag niet meer gaan zoeken. Ik kan me dus de moeite besparen en die dingen meteen in een bakkie op tafel kwakken. Verbazingwekkend hoe snel ze dan weg zijn… ‘Ze’ hebben de smaak te pakken!
Op zaterdag loop ik gewoontegetrouw ook even binnen bij de Bruna. Even gauw de tijdschriftrekken bij langs (op de zaterdag voor Pasen neem ik natuurlijk het voordeelpakket Libelle-Margriet mee voor het thuisfront, om een goeie beurt te maken), snel even langs de computerboeken en het krantenrek… Welverdraaid: NRC met op de voorpagina de aankondiging van een bijlage over de super-ongemotiveerdheid van de Nederlandse leerling. Je snapt: al stonden de Paasdagen voor de deur, hier lag de verleiding in het krantenrek…. Bruna blij, ik een onderwijsbijlage, verpakt in krantenpapier, als een ei in een dop.

Nu blijkt die bijlage vol met meningen te staan. Meningen van leerlingen VO, meningen van ouders, meningen van deskundigen en artikelschrijvers, Ton van Haperen (berucht columnist bij de AoB). Al die meningen kun je inderdaad samenvatten onder de kreet op de voorpagina: “Boeiuh!!”
Al die meningen gaan natuurlijk over school en onderwijs. Onderwijs dat de leerling niet kan boeien (en daarom werkt ie voor zesjes), onderwijs dat ouders vaak ook niet boeit behalve als het om resultaten gaat, ach eigenlijk alles wel wat iedereen overal van vindt.
Vanwaar deze bijlage bij de krant, zul je je afvragen? Of misschien heb je in je ‘eigen’ krant ook al iets gelezen over hetzelfde onderwerp?
Voor wie het nog niet weet: onlangs is het Onderwijsverslag 2012-2013 door de Onderwijsinspectie uitgebracht (voor wie het woord ‘inspectie’ een vies woord is geworden, lees hier beslist niet verder; je bent gewaarschuwd).

In dit Onderwijsverslag wordt allereerst geconstateerd, aan de hand van internationale scorelijstjes, dat de minst gemotiveerde leerlingen en studenten in Nederland naar school gaan. Vervolgens wordt ons keurig uitgelegd hoe een en ander zit…
De meeste leerlingen/studenten zijn tevreden over hun opleiding. Dat neemt toe naarmate het opleidingsniveau hoger is. Tegelijkertijd is de motivatie erg laag; naar school gaan is vooral anderen ontmoeten. De inspecteur-generaal constateert bij schoolbezoeken gebrek aan enthousiasme en kan het plezier in leren niet goed terugvinden. Waar zou het aan liggen? Gelukkig zien de inspecteurs ook vaak prachtige voorbeelden van inspirerende en motiverende lessen; wat moet er in het onderwijs gebeuren om die betrokkenheid vaker te zien?

En nu komt het, pas op. ‘Er is de afgelopen jaren op scholen veel geïnvesteerd in beter registreren en
in kwaliteitszorgsystemen; gegevens over leerlingen zijn dus beter en sneller beschikbaar,  problemen en achterblijvers kunnen sneller worden gesignaleerd en kunnen voorzieningen voor zorg en ondersteuning sneller worden ingezet. Toch is hiervan vaak weinig terug te zien in het klaslokaal, en merken leerlingen er soms niets van. Leraren lukt het lang niet altijd investeringen op schoolniveau te benutten in hun dagelijkse lessen.’

Geen woord over BAPO of salaris. Niks over grote klassen. Gebrek aan motivatie bij leerlingen ontstaat ondanks het feit dat je over registratiesystemen beschikt en info onder handen hebt. Kortom: je doet gewoon je werk niet goed. ’t Is maar even dat je het weet.

Mijn lichtend voorbeeld, Ton van Haperen, leraar economie, lerarenopleider en publicist, zegt er het volgende over: ‘Van de omgeving zal het niet komen en dus is het aan ons leraren om de bevindingen van de inspectie op ons fatsoen te trekken. Alleen wij kunnen de intensiteit van onze lessen opvoeren.
Dure cursussen, laat maar. Effectieve praktijkkennis ontwikkelen we met elkaar. In en rond de klas. Terug naar het ambacht, daar tijd voor opeisen, elkaar aanspreken, dat is de strategie die de Nederlandse pubers weer aan het leren krijgt. En het klinkt bizar, maar dat is nieuw.


Twee jaar geleden publiceerde de inspectie ook een schokkend rapport. Toen de constatering dat één op drie leraren op vier havo slecht functioneert. Nergens ter wereld doubleren zoveel kinderen als in die klas. Na een itempje op het journaal en een stukkie in de krant bleef het oorverdovend stil. Deze onverschilligheid, zullen we dat nooit meer doen? Elk jaar in april zo’aframmeling doe t de status van het beroep namelijk bepaald geen goed…’

Kortom: tijd voor hernieuwd vakmanschap, is de boodschap. Of je bent het haasje…